Celina Dekker-Rueff

11 July 1882 te Saint-Louis, Alsace Frankrijk ✡ 16 April 1943 te Sobibor.
Celina woonde en bereikte de leeftijd van 60 jaar.

Biografie

22 december 2016

Over Celine Rueff

Door: Redactie Joods Monument

Celine (of Celina) Rueff was een dochter van Leopold Rueff en Julie Levy uit Basel in Zwitserland. Zij had nog drie broers: Marcel, Paul en Louis en drie zusters Mathilde, Lucie en Berthe.

Celine Rueff trouwde op 10 Augustus 1911 in Amsterdam met Salomon Dekker (roepnaam Leo), een winkelier in confectie en een zoon van Levie Abraham Dekker en Rebecca van Vliet.  Haar man overleefde de Sjoa maar Celine werd in Sobibor vermoord.

Celine’s zuster Berthe was de jongste van alle Rueff-kinderen; zij was geboren in 1894. Toen zij van Basel naar Amsterdam kwam in April 1920, woonde zij in bij haar zuster Celine en haar man Salomon Dekker en bleef daar tot dat zij trouwde in December 1920 met Jonas Kattenburg.

Celine Rueff voelde zich thuis bij de familie Dekker en ondernam verschillende uitjes met hen. Zo ging zij onder meer met haar schoonzuster Anna Dekker, Louis, een zoontje van haar zwager Jacob Dekker, en Rebecca (Beppie) een dochter van haar schoonzuster Emma Dekker in 1924 eens naar het Vondelpark in Amsterdam, waarvan die gebeurtenis nog een foto bewaard is gebleven.

Op 5 April 1933 werd Celine Rueff opgenomen in het psychiatrisch ziekenhuis Het Apeldoornsche Bos, waar zij verbleef tot 17 Mei 1934 en van waar zij werd overgeplaatst naar de psychiatrische instelling "Het Provinciaal Ziekenhuis Meer en Berg" in Santpoort in de gemeente Bloemendaal.

Toen die instelling werd geëvacueerd naar Warnsveld in verband met het bouwen van de Atlantikwall, kwam zij op 15 januari 1943 aan in het Groot Graffel. Op 8 april 1943 werd ze 'niet hersteld ontslagen' uit de instelling in Warnsveld en overgebracht naar het 'Israëlisch Noodziekenhuis' in Zutphen, van waaruit ze in de nacht van 9 op 10 april 1943 werd afgevoerd naar Westerbork. Op 13 april 1943 werd Celina met het zevende transport gedeporteerd naar Sobibór waar zij bij aankomst op 16 April 1943 direct werd vermoord.

Het Coda-archief Apeldoorn/bevolkingsregister; Stadsarchief Amsterdam, gezinskaart van Salomon Dekker; website www.wiewaswie.nl, overlijdensakte uit Haarlem nr. B346 van 9 December 1947 voor Celina Rueff; het archief van de Joodse Raad, kaart van Celina Rueff ; website https://1940-1945.bloemendaal.nl/index.php?id=16  met de geschiedenis van het Provinciaal Ziekenhuis Meerenberg in Santpoort met een lijst van de slachtoffers van de nazis; dhr. John Stienen, onderzoeker van de Psychiatrische instelling Groot Graffel in Zutphen en een toevoeging van een bezoeker van de website.

 

Verhaal

14 januari 2020

Het lot van Celina Dekker-Rueff.

Door: Redactie Joods Monument

Al op 5 April 1933 werd Celina Rueff opgenomen in het Centraal Israelitisch Krankzinnigengesticht "Het Apeldoornsche Bosch". Zij verbleef daar tot 17 Mei 1934, waarna zij werd overgeplaatst naar de Psychiatrische instelling "Het Provinciaal Ziekenhuis Meer-en-Berg" in Santpoort, gemeente Bloemendaal. Celina Dekker-Rueff verbleef daar als patiënt tot 15 Januari 1943 en zij komt voor op een lijst van weggevoerde en niet meer teruggekeerde bewoners van het ziekenhuis.

Op de website Bloemendaal 1940-1945, bij het jaar 1943 wordt de evacuatie van Meer-en-Berg belicht en er wordt beschreven dat op 4 Januari 1943 de Duitsers de gebouwen van het Provinciaal Ziekenhuis vorderen, in verband met de constructie van de Atlantikwall. Alle 1334 patiënten en de 404 personeelsleden worden geevacueerd. Dit gebeurde met zeven D-treinen tussen 4 Januari en 5 Februari 1943.

Celina Rueff behoorde tot de groep van 200 vrouwelijke patiënten uit Sanpoort die in Warnsveld terechtkwam. In totaal waren 10 van die 200 dames Joods. Een deel betrof onderduikers, een deel patiënten en Celina kwam volgens het register van het ONG (Oude en Nieuwe Gasthuis) in Warnsveld op 15 Januari 1943 binnen en op 8 April werd zij overgebracht naar het zgn. "Israëlisch Noodziekenhuis" in Zutphen en vervolgens in de nacht van 9-10 April van daar afgevoerd naar Westerbork.

Op 13 April 1943 volgde deportatie naar Sobibor waar Celine Dekker-Rueff bij aankomst op 16 April 1943 direct werd vermoord.

Bonnen o.a. het Coda-archief Apeldoorn/bevolkingsregister; website Joods.nl/het onbekende verhaal van Joodse patiënten in een niet-Joodse instelling tijdens WOII; website Stichting Oorlogshistorie Bloemendaal/ Bloemendaal 1940-1945; John Stienen/onderzoeker Groot Graffel Zuthpen.

 

Aanvullende gegevens: klik op de termen hier beneden voor meer informatie.